
Voor de negende keer in tien raceweekenden kwam Marc Márquez als winnaar uit de bus na de zaterdagse sprintrace. De kampioenschapsleider greep op TT Circuit Assen na een uitstekende start vanaf de vierde positie al in de openingsronde de leiding van de race. Die hield hij daarna de gehele race vast, ondanks behoorlijke druk van Álex Márquez op de tweede positie. Met name in de derde sector leek de Gresini-rijder meer snelheid te hebben dan zijn broer, maar tot een serieuze aanval kwam het niet. “Ik was vandaag niet de snelste hier, maar ik won de sprintrace. Ik ben dus blij”, vertelde Márquez na de sprint aan de verzamelde media.
“De snelste in de trainingen was Pecco [Bagnaia], en ik vermoed dat Álex de snelste was in de sprint”, vervolgde de achtvoudig wereldkampioen, die door ijzersterk te remmen geen enkele kans weggaf aan zijn broertje. “Het lijkt erop dat je kunt inhalen, maar als de rijder vooraan goede acceleratie heeft, laat remt en geen fouten maakt, dan wordt het heel lastig. Ik ben heel sterk in de remzones, dat is mijn kracht. Mijn motor is alleen afgesteld voor de remmen. Ik ben ook de Ducati-rijder die het laatste remt. Om die reden heb ik hier meer moeite, want je hebt maar drie remzones. Maar dit zijn ook de plekken waar rijders normaal gesproken inhalen. Ik focus daar dus op precisie en op een goede manier remmen. Daarna manage ik alle zwakkere plekken.”
Puntenverlies beperken op zondag
Het weekend van Márquez in Assen begon vrijdag nog met twee stevige crashes in de oefensessies. Op lichamelijk vlak hield hij daar niets ernstigs aan over, al waren er alsnog diverse blauwe plekken en pijntjes. De gevolgen daarvan kon hij tijdens de zaterdagse actie dan ook wel merken. “Het lichaam is als een dieselmotor, begrijp je? Het heeft tijd nodig om op te warmen en alles voelt een beetje stijf”, legde Márquez uit. “Ik heb alleen wat pijn in mijn vinger en mijn rechterarm, maar het had niet veel invloed op mijn prestaties. Het is eerder het vertrouwen en de manier waarop je rijdt, je positie op de motor.”
Qua snelheid was er getuige zijn sprintzege inderdaad relatief weinig aan de hand voor Márquez, maar in zijn hoofd is hij wel bezig met zijn valpartijen. Hij weet dat hij een nieuwe crash moet voorkomen op zondag. “Ik besef dat mijn lichaam niet nog een crash gaat accepteren”, aldus de 32-jarige Spanjaard van Ducati, die het beperken van puntenverlies als hoofddoel heeft geformuleerd voor zondag. “Ik racete vandaag dus heel rustig. Het doel vandaag was om niet te veel punten te verliezen en voor morgen heb ik dezelfde mentaliteit. Als iemand sneller is dan ik, dan accepteer ik dat. Ik wil de race gewoon uitrijden.”
In dit artikel
Bjorn Smit
MotoGP
Marc Márquez
Ducati Team
Wees als eerste op de hoogte en schrijf je in voor e-mail updates met realtime nieuws over deze onderwerpen
Schrijf je in voor nieuwsupdates
