
Tim Mayer werd op 19 februari 1966 geboren in het Verenigd Koninkrijk, als zoon van het Amerikaanse koppel Teddy en Sarah Mayer. Teddy Mayer was bijna twintig jaar lang een van de sleutelfiguren achter McLaren. Vanaf de oprichting van het team in 1963 bracht Mayer senior de zakelijke kennis en juridische expertise in, en na de dood van Bruce McLaren in 1970 nam hij het dagelijks bestuur van het team op zich. Tim Mayer werd geboren precies in de periode dat zijn vader samen met McLaren koortsachtig op zoek was naar een motorleverancier voor de allereerste F1-auto van het team.
Tim Mayer is vernoemd naar zijn oom Timmy Mayer, die coureur was. Timmy vertrok begin jaren zestig samen met zijn oudere broer Teddy en toekomstig Grand Prix-winnaar Peter Revson naar Europa. In 1962 deed Timmy aan één Formule 1-race mee: de Amerikaanse Grand Prix op Watkins Glen. Hij kwalificeerde zich als twaalfde, maar viel op een derde van de race uit met een ontstekingsprobleem. Timmy verongelukte in 1964 tijdens een training voor de slotrace van de Tasman Series in het Australische Longford.
Tim volgde zijn opleiding aan het prestigieuze Wellington College in Berkshire – een school die bekendstaat om zijn sterke rugbytraditie – en vervolgde zijn studie in de Verenigde Staten. Daarna diende hij enkele jaren in het Amerikaanse leger.
In 1992 begon Mayer samen te werken met voormalig McLaren-coureur Emerson Fittipaldi. Mayer werd de zakelijke rechterhand van de tweevoudig wereldkampioen Formule 1. Na twee jaar ging Mayer zijn eigen weg. Hij richtte het consultancybedrijf G3 Communications op, dat betrokken raakte bij de internationale tv-productie van Champ Car-races. Dat leidde tot verschillende managementfuncties binnen de raceklasse zelf en uiteindelijk tot de rol van Chief Operating Officer bij sportwagenorganisatie IMSA in de jaren 2000.
Aan het einde van dat decennium richtte Mayer zich weer op consultancy en werd hij directeur bij de Automobile Competition Committee for the United States, de officiële schakel tussen de FIA en Amerikaanse raceorganisaties. In die hoedanigheid werd hij verantwoordelijk voor de organisatie van alle FIA-wereldkampioenschapsevenementen op Amerikaanse bodem.
Tegelijkertijd werd hij ook regelmatig als steward ingezet voor de FIA – niet alleen bij Grands Prix in de Formule 1, maar ook in het World Endurance Championship en het WTCC. Omdat het werk van steward onbetaald is, bleef Mayer daarnaast actief als consultant – maar juist die combinatie zou hem uiteindelijk in conflict brengen met de FIA.
Tijdens de Amerikaanse Grand Prix in 2024 maakte Mayer deel uit van het panel van sportcommissarissen dat oordeelde dat de organisator “geen redelijke maatregelen had genomen, resulterend in een onveilige situatie”, nadat toeschouwers tijdens de uitloopronde de baan op waren gegaan terwijl er nog auto’s onderweg waren naar de pits. Opmerkelijk genoeg vertegenwoordigde Mayer in een latere fase – onafhankelijk van zijn rol als steward – diezelfde organisator, US Race Management, toen die een verzoek tot herziening indiende tegen de boete van 500.000 euro en het oordeel dat er onvoldoende veiligheidsmaatregelen waren getroffen.
Kort daarna werd Mayer, vlak voor het raceweekend in Qatar, naar eigen zeggen per sms ontslagen als steward – niet door FIA-president Mohammed Ben Sulayem zelf, maar via een tussenpersoon. Motorsport.com heeft vernomen dat Ben Sulayem Mayer’s vertegenwoordiging van de Amerikaanse GP-organisator als belangenverstrengeling en strijdig met de neutrale rol van een steward zag. “Voor een federatie die op vrijwilligers leunt, is iemand met jarenlange inzet per sms ontslaan niet bepaald een teken van goed leiderschap”, reageerde Mayer destijds.
Precies een week geleden, op de vrijdag van de Grand Prix van Groot-Brittannië, lanceerde Mayer zijn kandidatuur voor het FIA-voorzitterschap. Volgens hem draait het daarbij niet om wraak voor zijn ontslag, maar om het verbeteren van het bestuur van de federatie. Critici van het huidige regime wijzen op een gebrek aan transparantie en te veel gecentraliseerde macht bij de zittende president. “Het gaat niet om revanche”, aldus de 59-jarige Amerikaan. “Het gaat erom hoe we de FIA vooruit kunnen helpen.”
In dit artikel
Wees als eerste op de hoogte en schrijf je in voor e-mail updates met realtime nieuws over deze onderwerpen
Schrijf je in voor nieuwsupdates